De nooduitgang.
- Redactie 60 plus

- 3 dagen geleden
- 1 minuten om te lezen
Waar ik nu pleeg te zitten is er geen nooduitgang. Of het zijn allemaal nooduitgangen want ik zit in een bos vol eiken. In dit seizoen geen eikels. Geen vallende bladeren. Een kwetsbaar persoon in een brandgevoelige omgeving. Snel lopen is de boodschap, soms door afsluitingen en bedradingen versperd. Dus geen borden of pictogrammen die je route bepalen. Die je voorschrijven hoe je moet bewegen. Die de richting maar niet je ritme bepalen. De richting is dus puur imaginair. Je mag het erbij denken net als de mogelijke denkbeeldige obstakels die je vooral zelf creëert. De vluchtweg.
Nam ik ooit letterlijk een nooduitgang, ik ben me er niet van bewust. Dus het zal dan wel niet. Of toch niets dat een dusdanige onuitwisbare indruk heeft nagelaten. Neen, dus.
Nam ik ooit figuurlijk een nooduitgang, tja helaas of gelukkig wel. De weg kiezend van de minste kleerscheuren. De weg kiezend waarbij er wel wonden ontstonden die je kon likken maar verderop ook een heling in de tijd voorzien. Bepalen waar en wanneer je deze weg wil nemen. De route naar nergens en overal. Bestemming incognito bereiken. Strijdbaar in gedachten verzonken.
Soms ben je blij met een uitkijk op een nog gesloten deur waar een verlicht nooduitgang bordje boven hangt te pronken. Een geruststellend gevoel te weten waarnaar je je moet begeven. Een rennend mensje. Een verplaatsbaar hollend geheel van vlees en bloed. Vooral op de loop voor zichzelf. Zonder ingebouwde sensoren of console.
Op zoek naar de uitgang die mogelijk een nieuwe ingang is.




Opmerkingen