Je eerste nacht samen.
- Redactie 60 plus

- 7 mei
- 2 minuten om te lezen
Sommige zaken en gebeurtenissen zijn zo vluchtig dat je ze vergeet nog voor ze werkelijkheid kunnen worden.
De eerste nacht samen is hierop uiteraard een niet te missen, niet te vergeten, gebeurtenis. Eén bijblijver zelfs tegen wil en vooral dank.
Je bent al een eindje in de twintig. Een heel eindje, geen beginfase van de nummer twee vooraan. Iedereen in je omgeving is getrouwd of ze zijn in die mate lelijk dat een lief veraf is en blijft. En zelfs hebben er al een aantal al lawaaierige brullende tweevoeters als nageslacht. Levend gebaard. Zoals alle zoogdieren. Of zijn er ook hier onbevlekte uitzonderingen. Bebloede witte afwezige lakens als bewijsstuk voor de familietrots.
Zo kun je iemand ontmoeten tegen beter weten in. Uiterlijk niet je ding, inhoud nog verder te zoeken. En toch wil je op eenvoudig verzoek de grote sprong van het huwelijkse leven wagen. Bijna een parachute moord door jezelf georchestreerd maar de dode Meester Vic zal je niet meer kunnen verdedigen. Ja zeggen in de kerk en nog veel officiëler. Een verstandelijke beperking nabij. Een voldongen onheuglijk feit. Een overbodig feest zonder herinnering. Een zwager die je veel succes wenst met een onmogelijke gediskwalificeerde zus. En een schoonpapa die van schoonmama dertig jaar na datum nog altijd er wordt op gewezen op zijn toenmalige ontrouw. Horens zetten. Een gewei waarmee je nog amper via de voordeur naar binnen kunt. En geen zijdeur naar de ingang. De eeuwige mannenjacht op zoek naar een gemakkelijke prooi.
Het enige goede antwoord was nee en toch zei je ja. Tegen beter weten in. Om erbij te horen of toch voor heel even. Op je huwelijksnacht lig je wakker, geen dagdromen, geen nachtdromen. Die werden beide gestolen. Maar je bent zelf de dief. Je weet dat je allicht een Oscarnominatie zult veroveren voor deze rol van pasgehuwde echtgenoot. Nee, niet voor de vrede. De lieve vrede. Op je eerste nacht, zonder consumptie, besef je wegwezen. Maar eerst nog inpakken. Niet alle verhalen kennen een happy end. Wij zijn niet in een Thais massagesalon. De rechter volgde mijn kortzichtige visie en voltrok de ontbinding. De tenietdoening van iets dat niet hoefde te zijn. Dat geen overlevingskansen was gegund. Een sprong in de wijde oceaan vol hongerige haaien met een leeglopende reddingsband.
Het heeft niet mogen zijn.




Opmerkingen