Wat was je redding ?
- Redactie 60 plus

- 4 uur geleden
- 2 minuten om te lezen
Even denken wat was de grootste redding in mijn niet meer zo jonge nog niet ten einde zijnde leven. Denken over datgene waardoor je weet dat je er anders niet meer zou zijn. Denken over diegene waardoor je weet dat je er anders niet meer zou zijn. Of een inflexibele combinatie van. Niet meer zou zijn is met een flinke korrel tafelzout te nemen, net geen heel zoutvat. Dat hoeft nu ook weer niet perse. Een gewone ongezonde dosis een in alu eetlepel volstaat.
Hou het gewoon op een minder florissante versie van mezelf. Iedereen wordt minstens 1 keer in zijn leven drastisch gered of we redden onszelf. De grote redding, de zinkende onzinkbare Titanic in gedachten. Onvoldoende reddingsbootjes, onvoldoende communicatie en onbestaande coördinatie. Of een samenstelling van dit alles in een nauwelijks bewoond eiland waar Robinson Vrijdag ziet verschijnen als een fata morgana in de droge Sahara. Als een frisse tripel van Westmalle na een dorstige tocht in eenzaamheid.
Soms komen helpende handen je vanuit het niets tegemoet, gooien je een reddingsboei toe, een strohalm in je wegglijdende handen.
Eens werd ik opgelicht door een venijnige vennoot. Iemand die ik vertrouwde na een gezamelijke geschiedenis van meer dan dertig lange jaren. Was het afgunst, jaloezie of sport, was het kortzichtigheid, wraak of onbezonnenheid. Het gebrek aan eigen geluk en leven waaraan zelfs een geslachtsverandering geen soelaas kon brengen. Berlijnse muren werden gesloopt maar het ongelukkige in je denken bleef overeind. Columbus ontdekte Amerika en de afmetingen van de wereld, maar jouw gezichtsveld bleef beperkt tot zelfs niet de eigen einder.
Na regen komt zonneschijn, maar soms blijft het wel heel lang regenen en druppelen. En zijn paraplu’s verboden wapens. Of verdrongen en vervrongen door de wind en gebrek aan inzicht. Waaigedrag. Ook wangedrag.
En toch op je denkbeeldig dieptepunt komt er een advocaat met meer dan jarenlange ervaring je ter hulp. Wetende dat zijn bankrekening er niet beter van zal worden. Wetende dat er geen factuur kan volgen voor de gepresteerde uren. Maar beseffende dat er een verregaande appreciatie is die in me leeft. De bereidheid te luisteren en echt te luisteren. Met beperkte vraagtekens. Maar met een groot uitroepteken achter het allesomvattende woord ‘doen’.
En je doet het. Je komt eruit. Je komt weer boven adem na een gedwongen pauze. Je ademt vrij. Sterker dan ooit, bezongen maar niet bezweken. Met kerst stuur je een meer dan welgemeende kaart naar je verlosser. Je onbaatzuchtige bevrijder. Je bevrijder van schulden, kommer en miserie. Van onschuldig maar oneervol door het leven te gaan. Van tellen in de supermarkt voor je aan de kassa verschijnt. Van nee zeggen tegen je geliefden en dat je met rosse centjes hun leven niet kunt opvrolijken of naar een hogere etage kunt tillen in het eenvoudige dagelijkse leven van hardheid.
De kaart krijgt een bedanking van zijn weduwe. Hij is niet meer. Je held. Hij leeft voort in je gedachten en je verdere stappen. In je opnieuw ontdekken van vreugde, plezier, voldoening. Bedankt Jan I. Tot ooit.




Opmerkingen